Personenbelasting actueel

Personenbelasting in België – belastingschijven & belastingvrije som (AJ 2027)

In het kort

Overzicht van de vier belastingschijven (25–50 %), de belastingvrije basissom van € 11.550 voor aanslagjaar 2027 (inkomsten 2026) en de belangrijkste wetswijzigingen vanaf aanslagjaar 2026.

In het kort

Op een groot deel van je beroepsinkomen betaal je personenbelasting. Die belasting wordt progressief berekend: niet iedere euro wordt op dezelfde manier belast. Het tarief hangt af van het soort inkomen én van hoe hoog je inkomen is — in de praktijk betaal je tussen de 25 % en 50 %. België kent vier schijven, en bovenop de schijven krijg je een belastingvrije basissom van € 11.550 voor aanslagjaar 2027 (inkomsten 2026; was € 10.910 voor AJ 2026), die de komende jaren stapsgewijs verder stijgt. De Wet houdende diverse bepalingen van 18 december 2025 schrapte een reeks aftrekken (o.a. de federale interestaftrek en de woonbonus) en verlaagde de belastingvermindering voor giften van 45 % naar 30 %. Hieronder vind je de cijfers voor aanslagjaar 2027 (inkomsten 2026), met de bedragen van aanslagjaar 2026 ter vergelijking en de recente hervormingen op een rij.


1. De vier belastingschijven (AJ 2027)

België kent vier belastingschijven. Elk deel van je belastbaar inkomen wordt belast aan het tarief dat bij die schijf hoort — het tarief slaat dus telkens op een schijf, niet op je volledige inkomen in één keer. Verdien je bijvoorbeeld € 35.000? Dan betaal je 25 % op de eerste schijf, 40 % op de tweede schijf en 45 % op het resterende deel. Je betaalt dus niet 45 % op je volledige inkomen.

Wettelijke basis: art. 130 juncto art. 171 WIB 1992; geïndexeerde bedragen AJ 2027: FOD Financiën – automatische indexering inkomsten 2026, AJ 2027 (BS 12/08/2026); AJ 2026: KB 20.01.2026 (BS 30.01.2026)

SchijfBelastbaar inkomen AJ 2027 (inkomsten 2026)TariefTer vergelijking: AJ 2026
1€ 0 – € 16.72025 %€ 0 – € 16.320
2€ 16.720 – € 29.51040 %€ 16.320 – € 28.800
3€ 29.510 – € 51.07045 %€ 28.800 – € 49.840
4vanaf € 51.07050 %vanaf € 49.840

Rekenvoorbeeld – belastbaar inkomen € 35.000 (bedragen AJ 2026)

Je belastbaar inkomen bedraagt € 35.000 (aanslagjaar 2026):

SchijfBerekeningBelasting
1€ 16.320 × 25 %€ 4.080,00
2€ 12.480 (€ 28.800 − € 16.320) × 40 %€ 4.992,00
3€ 6.200 (€ 35.000 − € 28.800) × 45 %€ 2.790,00
Totaal vóór belastingvrije som€ 11.862,00

Na aftrek van de belastingvermindering op de belastingvrije som (€ 10.910 × 25 % = € 2.727,50) betaal je effectief € 9.134,50 federale personenbelasting. Daar komen nog gemeentelijke opcentiemen bovenop.


2. De belastingvrije som

Iedereen krijgt een deel van zijn inkomen onbelast. Voor aanslagjaar 2027 (inkomsten 2026) bedraagt de belastingvrije basissom € 11.550 (was € 10.910 voor AJ 2026). Concreet levert dit een belastingvermindering op van € 2.887,50 (namelijk 25 % van € 11.550).

Dit bedrag kan verhoogd worden in functie van je persoonlijke situatie, bijvoorbeeld als je kinderen ten laste hebt.

Wettelijke basis: art. 131 e.v. WIB 1992

SituatieVerhoging AJ 2026
Basisbedrag (iedereen)€ 10.910
1 kind ten laste+ € 1.980
2 kinderen ten laste+ € 5.110
3 kinderen ten laste+ € 11.440
4 kinderen ten laste+ € 18.510
Alleenstaande ouder met kinderen+ € 1.980
Handicap belastingplichtige+ € 1.980

De tabel toont de bedragen van aanslagjaar 2026. Voor aanslagjaar 2027 bedraagt het basisbedrag € 11.550; vraag ons de geïndexeerde verhogingen voor aanslagjaar 2027.

Stapsgewijze verhoging belastingvrije som t.e.m. 2030

De federale regering verhoogt de belastingvrije basissom de komende jaren stapsgewijs: van € 10.910 (AJ 2026) en € 11.550 (AJ 2027) naar een doelstelling van € 15.600 in inkomstenjaar 2030. Dit moet de belastingdruk op arbeid verlagen.

Let op: voor gepensioneerden en personen met een vervangingsinkomen wordt het voordeel geneutraliseerd via aangepaste belastingverminderingen.

Bron: Wet tot hervorming personenbelasting van 17 december 2025; Liantis nieuwsbericht 2026.


3. Cumul met andere inkomsten

Je beroepsinkomsten worden samengeteld: loon uit een dienstbetrekking, winst als zelfstandige, bezoldiging als bedrijfsleider — alles komt in dezelfde pot. Heb je naast je hoofdberoep ook een bijberoep, dan wordt dat bijkomend inkomen bovenop je bestaande inkomsten belast.

Concreet: verdien je al € 40.000 in hoofdberoep? Dan valt het bijberoepsinkomen meteen in de 45 %-schijf (of zelfs de 50 %-schijf). Tel daar de sociale bijdragen bij op, en je houdt vaak minder dan de helft over van je bijverdienste.

Opgelet bij een bijberoep. Op de winst uit een bijberoep betaal je niet alleen personenbelasting, maar ook sociale bijdragen (circa 20,5 % voor zelfstandigen in bijberoep boven de minimumdrempel). De gecombineerde fiscale en sociale druk kan daardoor oplopen tot meer dan 60 % op de hoogste schijf.


4. Beroepskosten aftrekken

Vóór de belastingschijven worden toegepast, mag je beroepskosten aftrekken van je bruto-inkomen. Je hebt twee opties:

OptieWatWanneer interessant
Forfaitaire beroepskostenDe fiscus trekt automatisch een percentage af van je beroepsinkomen (AJ 2027: max. € 6.070 voor werknemers, € 3.200 voor bedrijfsleiders)De eenvoudigste optie en altijd een goede startoptie
Werkelijke beroepskostenJe bewijst je eigenlijke uitgaven (kantoor, verplaatsingen, materiaal, enz.)Wanneer je werkelijke kosten hoger liggen dan het forfait

Wettelijke basis: art. 49–66 WIB 1992 (beroepskosten); art. 145/1 e.v. WIB 1992 (belastingverminderingen)

Daarnaast bestaan er belastingverminderingen (bijvoorbeeld pensioensparen, giften) — daarvoor heb je doorgaans een attest nodig.


5. Voorafbetalingen en bedrijfsvoorheffing

Waarom krijgen sommigen geld terug bij hun belastingafrekening, terwijl anderen moeten bijbetalen? Dat hangt af van wat er al doorheen het jaar is betaald:

  • Bedrijfsvoorheffing: je werkgever houdt maandelijks een deel van je brutoloon in en draagt dit rechtstreeks af aan de fiscus. Dit is een voorschot op je definitieve belastingaanslag.
  • Voorafbetalingen: als zelfstandige of vennootschap betaal je belastingen vooruit op vaste kwartaaldata. Sinds inkomstenjaar 2026 rekent de fiscus geen belastingvermeerdering meer aan op winst en baten van een eenmanszaak; voor bedrijfsleiders en vennootschappen blijft ze wél bestaan.

Tip: voorafbetalingen niet vergeten. Ook zonder vermeerdering blijft vooraf betalen interessant — je krijgt er een bonificatie voor, en de belasting komt er hoe dan ook aan. Hoe vroeger je betaalt, hoe groter het voordeel. Bespreek het optimale bedrag met je accountant.

Kwartaaldata voorafbetalingen:

KwartaalUiterste datum
Q110 april
Q210 juli
Q310 oktober
Q420 december

6. Belangrijke wetswijzigingen vanaf AJ 2026

De Wet houdende diverse bepalingen van 18 december 2025 (BS 30.12.2025) brengt ingrijpende wijzigingen die al gelden voor aanslagjaar 2026. De voornaamste hervormingen die de personenbelasting raken:

Afgeschaft vanaf AJ 2026

Afgeschafte maatregelToelichting
Federale interestaftrekInteresten op leningen voor niet-eigen woningen (opbrengsteigendommen, tweede verblijven) zijn niet meer aftrekbaar — dit geldt ook voor lopende kredieten, zonder overgangsregeling
Federale woonbonusVolledig afgeschaft. Federaal langetermijnsparen voor kapitaalaflossingen blijft wel mogelijk binnen de bestaande voorwaarden
Belastingvermindering groene leningen—
Verhoogd kostenforfait verre woon-werkverplaatsingen—
Belastingvermindering rechtsbijstandsverzekering—
Belastingvermindering adoptiekosten—
Belastingvermindering laadstations (contracten 01.09.2021–31.08.2024)—

Verlaagd of bevroren

MaatregelWijziging
Giften – belastingverminderingDaalt van 45 % naar 30 %
Indexatie grensbedragen pensioensparen, werkgeversaandelen, langetermijnsparen en giftenBevroren t.e.m. AJ 2030 (pensioensparen: € 1.050 / € 1.350, ook voor AJ 2027)

Wettelijke basis: Wet houdende diverse bepalingen van 18.12.2025 (BS 30.12.2025), art. 14.533, art. 1457, art. 1458 WIB 1992

Wat betekent dit concreet?

  • Wie een opbrengsteigendom financiert met een lening, verliest het fiscaal voordeel van de interestaftrek — herbereken je rendement.
  • Giften leveren voortaan 30 % belastingvermindering op in plaats van 45 %.
  • De maximumbedragen voor pensioensparen (€ 1.050 / € 1.350) worden niet meer geïndexeerd tot 2030.

7. Aanvullende gemeentebelasting

Bovenop de federale personenbelasting betaal je gemeentelijke opcentiemen. Het tarief varieert per gemeente (doorgaans tussen 0 % en 9 %). In Vlaanderen bedragen de gewestelijke opcentiemen 33,257 % (autonomiefactor 24,957).

De gemeente waar je op 1 januari van het aanslagjaar gedomicilieerd bent, bepaalt welk tarief van toepassing is. Verhuis je vóór die datum naar een gemeente met lagere opcentiemen, dan betaal je minder aanvullende belasting.


Bij twijfel — laat je begeleiden

De werkelijke berekening is complex en individueel. Iedere situatie is anders: beroepsinkomsten, gezinstoestand, aftrekposten, voorafbetalingen — alles speelt mee. Laat je begeleiden door een erkend accountant voor een berekening op maat.


Geraadpleegde bronnen: art. 130–131 WIB 1992 (belastingschijven en belastingvrije som) · KB 20.01.2026 (BS 30.01.2026) · FOD Financiën – automatische indexering inkomsten 2026, AJ 2027 (BS 12/08/2026) · Wet houdende diverse bepalingen van 18.12.2025 (BS 30.12.2025) · FOD Financiën – belastingtarieven (fin.belgium.be) · Practicali – geïndexeerde bedragen AJ 2026 · Liantis – hervorming personenbelasting 2026.

Hulp op afstand